Definitief plan voor natuurgeulen langs de Bergsche Maas vastgesteld

(Foto: Rijkswaterstaat/Pulles en Pulles)
9 april 2025 – Rijkswaterstaat werkt al geruime tijd aan een ecologisch sterkere Maas. In de Genderensche uiterwaard bij Genderen en de Capelsche uiterwaard bij Waalwijk staat het aanleggen van beschutte oevergeulen op het programma. Het definitieve projectbesluit voor deze maatregelen is nu vastgesteld en ligt voor een laatste keer ter inzage.
Door de jaren heen heeft menselijk ingrijpen het Maaslandschap sterk veranderd, waardoor het waterleven onder druk is komen te staan. De nieuwe geulen moeten zorgen voor extra leefgebied voor vissen en kleine waterdiertjes. Deze maatregelen sluiten aan bij de Kaderrichtlijn Water, die zich richt op het verbeteren en beschermen van de kwaliteit van het oppervlaktewater in Europa.
In de Bergsche Maas is er nog enige invloed van eb en vloed. Het waterniveau schommelt er dagelijks met 20 – 30 cm. Daar liggen daarom kansen voor het uitbreiden van natuur die hoort bij zoet getijdenwater.
Een rivier met een grote variatie aan planten en dieren is beter bestand tegen verstoringen als klimaatverandering en vervuiling. Biodiversiteit is een teken van een gezonde rivier. Wanneer flora en fauna goed in balans zijn, is dat ook een aanwijzing dat de chemische kwaliteit op orde is. Het waterleven laat vaak zien hoe het met de gezondheid van een rivier gesteld is.
Oeverzone Genderensche uiterwaard (gemeente Altena): ten zuidwesten van Genderen wordt achter de Maasoever een 1.6 km lange oevergeul aangelegd, parallel aan de rivier. De geul bevat rustig stromend water en sluit zowel bovenstrooms als benedenstrooms aan op de rivier. In de vooroever komen openingen voor vismigratie en wateruitwisseling. Ook wordt riet aangeplant.
Herinrichting Capelsche uiterwaard (gemeente Waalwijk): ten noordwesten van Waalwijk worden aan weerskanten van het uitwateringskanaal eveneens beschutte oevergeulen achter de Maasoever aangelegd, over een totale lengte van 2,5 km.
Langs de uiterwaarde worden riet en bomen aangeplant voor beschaduwing. In het westelijke deel komt daarnaast een extra getijdengeul van 1,4 km, die alleen benedenstrooms in verbinding staat met de rivier. Hier wordt ook een overstromingsvlakte ingericht.