Noordwaard voor het eerst ‘doorstroomgebied’

Foto: Rijkswaterstaat/Robbert de Koning

De ontpolderde Noordwaard, bij Werkendam, heeft voor het eerst sinds het vijf jaar geleden werd aangelegd als doorstroomgebied, als zodanig gefunctioneerd. De Noordwaard is een van de grootste maatregelen vanuit het Ruimte voor de Rivier-programma. De dijken zijn in dat verband destijds op een hoogte van twee meter boven NAP gebracht. Als het water hoger komt, stroomt het automatisch de polder in dankzij Ruimte voor de Rivier. Het gebied is zo ingericht dat de wegen en huizen er droog blijven. Vanwege de hoge waterstanden in de rivieren door de storm en het springtij leverde dat op 10 februari voor het eerst een ondergelopen Noordwaard op.

De voormalige Noordwaard polder is een gebied tussen de Brabantse Biesbosch en de rivier de Nieuwe Merwede van zo’n 4.450 hectare groot.  Door de hoge rivierwaterstanden in 1993 en 1995 is in het kader van Ruimte voor de rivier besloten om het gebied haar oude functie van boezem en overloopgebied weer terug te geven. De eilandpolders zijn weer teruggebracht, afgewisseld met kreken en aangevuld met nieuw doorstroomgebied. Bij hoge waterstanden in de Merwede kan het water via drempels gemakkelijk de Noordwaard binnenstromen, wat een flinke waterstanddaling in de Merwede zal opleveren. Bij hoge nood kunnen alle polders in de Noordwaard toegevoegd worden aan het doorstroomgebied. Alle huizen en boerderijen in het gebied op terpen staan. Bij het ontpolderen van de Noordwaard is geprobeerd het krekenpatroon van rond 1905 te reconstrueren.
In vijf jaar tijd werd een deel van de Noordwaard opnieuw ingedeeld en gewijzigd van een binnendijks- naar een buitendijks gebied. In het midden is zo een doorstroomgebied ontstaan om bij hoogwater de doorstroom van grote hoeveelheden rivierwater naar zee mogelijk te maken. Daarvoor zijn in- en uitstroomopeningen gemaakt door dijken gedeeltelijk af te graven.
Via het nieuwe doorstroomgebied voert de Noordwaard rivierwater af wanneer het water op de Nieuwe Merwede een peil bereikt van twee meter boven NAP. De ontpoldering levert een aanzienlijke waterstanddaling op: zes centimeter bij de instroomopening in Werkendam en dertig centimeter bij Gorinchem, dat zo’n acht kilometer stroomopwaarts ligt. Door de open verbindingen komt de nu ontpolderde Noordwaard bovendien opnieuw onder invloed van eb en vloed.

In totaal is vier miljoen m3 grond verzet, zijn 70 km aan nieuwe kades en dijken aangelegd, plus 33 bruggen en 31 gemalen en diverse waterbouwkundige constructies (o.a. duikers en plankieren).

Nadat de ontpoldering in 2015 werd afgerond, is de zogenaamde Nieuwe Noordwaard toegevoegd aan het Nationaal Park De Biesbosch.

Meer over het Ruimte voor de Rivierproject Noordwaard>